Geloof en Samenleving

Beste Youp…

Beste Youp,

Jouw column in de NRC voor Tijn is prachtig. Het kan niet anders dan dat elke lezer er door geraakt wordt. En dat je in jouw rijke fantasie Tijn – inmiddels in de hemel aangekomen – de nagels van God laat lakken: het is een troostend, ontroerend beeld.

Maar dan ontspoort jouw column dramatisch. Ik citeer:

‘En misschien heb je de klauwtjes van god al gekleurd. Wat waren zijn of haar voorkeuren? Rood? Blauw? Of kon het God gewoon niks schelen? Heb je terwijl je god lakte nog kunnen vragen waarom jij hier zo vroeg weg moest van de aarde? Je hebt toch niks misdaan? Integendeel zou ik willen zeggen. En heb je aan god kunnen vragen hoe hij of zij eigenlijk heet? Jaweh? God? Allah? Of gewoon Kees?’

Ik wrijf mijn ogen uit bij deze woorden. Je loopt je hele leven al te roepen hoezeer het geloof in God je reinste flauwekul is. Waarom voer je dan hier – in die grootst mogelijke kwetsbaarheid van de dood van Tijn – alsnog een gefantaseerde passage op van een dialoog tussen Tijn en een volgens jou niet bestaande god? Een god die kennelijk al dan niet iets aan Tijn’s ziekte had moeten of kunnen veranderen? Vanwaar die vraag naar de naam van God als je op voorhand niet geïnteresseerd bent in een mogelijk antwoord? Of de verschillende antwoorden die er zijn al lang met de deleteknop van het cynisme hebt uitgewist?

Of is het toch zo dat je wél vermoedt dat er een god is, maar dat je dus heel erg boos op die god bent? Omdat hij verzuimd heeft Tijn (en zo veel anderen) te redden? Dat zou kunnen verklaren waarom je schrijft dat deze god ‘klauwtjes’ zou hebben.

Als je meent, vermoedt, hoopt dat Tijn inderdaad door – laat ik zeggen – een hemels ‘Iemand’ is ontvangen, dan zijn jouw vragen terecht. Als je het onzin vindt, projecteer dan niet publiekelijk jouw frustraties tegen een gefantaseerd hemels decor, terwijl nota bene de rouw over dit prachtige mannetje landsbreed wordt gevoeld.

Laat ik ondanks de schijn van het tegendeel van het eerste uitgaan: dat je toch ergens zo’n vermoeden hebt van een goddelijke werkelijkheid. Ik deel dat vermoeden. Ik noem die werkelijkheid bij voorkeur de Geest. Ik hoop op Haar. De Geest is vrouwelijk – dat zal je aanspreken.

En dan hoop ik dat Zij Tijn en zijn familie het idee ingegeven heeft om ondanks al hun verdriet toch met die nagelactie voor Serious Request te beginnen. En dat Zij vervolgens al die duizenden mensen op een of andere manier geïnspireerd heeft om ieder op een eigen manier mee te doen, met alle prachtige gevolgen van dien.

En dan vertrouw ik er ook maar op dat Zij jou op het goede moment de arts van Tijn liet horen. En dat ook jij, op jouw beurt, het goede deed door jouw netwerk te bewegen een miljoen op tafel te leggen om de Tijnen van de toekomst niet meer dood hoeven te laten gaan, maar te kunnen behandelen. Want dat is – nogmaals, dat hoop ik – de werkwijze van de Geest: mensen (gelovig of niet) influisteren hun kaarten te zetten op wat goed is. En dan is het aan jou en mij om te antwoorden op die fluistering. Hoe dan ook. Zo menselijk dus.

Die klauwtjes van god? Ik hoor eerder een stem van hoop en verlangen die ons hart op het goede moment weet te raken. En ja, wie weet zegt die stem ook: welkom Tijn, hier in het licht.

Laat een bericht achter