Herman Koetsveld en Enis Odaci stellen elkaar elke twee weken een vraag naar aanleiding van de actualiteit. Dat varieert van kleine, persoonlijke thema's tot grote politieke en theologische vragen.

Beste Enis,
durf jij nog weleens te praten over God?

Ja, hoor. Geloof is een zaak van het hart en omdat ik overal met dat kloppend ding rondloop, neem ik ook overal mijn geloof mee. Maar we moeten geloofsverhalen wel in nieuwe vormen durven te vertellen. Ik geef een voorbeeld.

Zo vroeg iemand eens aan zijn leraar: “Wie is de meest machtige soldaat van God?” De leraar antwoordde: “Ik zag ijzer en zei: het ijzer is de machtigste soldaat van God. Toen zag ik hoe het vuur het ijzer deed smelten en ik koos voor het vuur. Toen zag ik hoe het water het vuur bluste en ik koos voor het water. Toen zag ik hoe de wolken het water in zich droegen en ik koos voor de wolken. Toen zag ik hoe de wind de wolken naar elke windrichting stuurde die het wenste, en ik koos voor de wind. Toen zag ik hoe de bergen de wind trotseerden en ik koos voor de berg. Toen zag ik hoe de mens in staat was om de bergen te beklimmen en dus koos ik voor de mens. Toen zocht ik naar iets dat de mens kon overwinnen en ik zag dat het de slaap was. Ik koos voor de slaap als machtigste soldaat van God.

Toen ik de mens een tijd observeerde vond ik wat de slaap van mensen kon overwinnen, namelijk hun zorgen en angsten. Deze waren de machtige soldaten van God! Toen ontdekte ik de bron van die zorgen en angsten en die bron was het hart. Deze was dus sterker dan alle andere! En toen zag ik dat het hart alleen tot rust gebracht kon worden door het gedenken van God. Zo besefte ik dat het gedenken van God de meest krachtige, machtige soldaat van God is.”

Ook al geloof je niet in God, het blijft een mooi verhaal.

Deze column is gepubliceerd in het Hengelo’s Weekblad.